“Jij zit hier alleen omdat je een vrouw bent”, “Jij gaat jouw periode in de raad toch niet afmaken” of “Wanneer ga je met zwangerschapsverlof?” Opmerkingen die typerend zijn wanneer je als jonge vrouw in de gemeenteraad zit, merkte D66-raadslid Annelie Bonnet (30). Dat terwijl juist die doelgroep meer kan worden gerepresenteerd in de lokale politiek: “Dat is ook de reden dat ik door ga. Anders worden jonge vrouwen niet vertegenwoordigd.”
Met voorkeursstemmen op de lijst
In 2022 wordt Bonnet op haar zesentwintigste beëdigd als raadslid. “Ik was al wat jaren officieel lid van D66, toen de voorzitter bij mij langskwam om te vragen of ik wat voor de fractie wilde gaan doen. Het leek mij leuk om mij in te zetten. Ik was jong en had er de tijd voor”, blikt ze terug. Zo belandt ze op de derde plaats op de kieslijst. “Het was een logische plek. Best wel hoog ook. Vaak zie je dat jonge mensen op een random plek belanden, onder het mom van: ‘jouw tijd komt nog wel’.”
Uiteindelijk zijn de verkiezingen daar en weet Bonnet met maar liefst 561 voorkeursstemmen in de raad te komen. “Dat had ik echt niet verwacht”, zegt ze lachend. “Ik ben niet opgegroeid in het Westerkwartier, ik ben hier niet naar school gegaan. Ik kende niemand, alleen de mensen van de kleindiervereniging.” Toch wordt ze met het resultaat verrast op de uitslagavond. “Ik vond het heel eng. Ik weet nog dat ik dacht: ‘wat ga ik nu doen?'”
‘Alleen omdat je vrouw bent’
Bonnet blikt terug op die tijd als ’totaal naïef.’ “In de eerste week werd er meerdere keren meegedeeld dat ik mijn periode niet zou afmaken, omdat ik vast met zwangerschapsverlof zou gaan. Dat vond ik raar, want ik was dat niet van plan”, legt ze uit. “Ook op de reacties van onze online campagne was ik niet voorbereid. Ik kreeg vervelende opmerkingen, terwijl de heren die niet kregen. Ik dacht dat het aan mij lag, dat ik iets fout deed, totdat de campagneleider van de provincie mij geruststelde. ‘Dat noemen ze seksisme’, zei hij. ‘Dit doen ze alleen omdat jij een vrouw bent.”
Naast de opmerkingen op de campagne, zijn er ook mensen die persoonlijk contact zoeken met Bonnet. Zo kreeg ze iedere week berichten van één persoon. De ene keer was het commentaar op wat ze zei in de raad, dan weer ging het over wat ze op sociale media plaatste. “Ik vond dat eerst heel eng. Gelukkig had ik mijn vrienden om me heen die mij hebben gesteund. Het is bizar wat je als raadslid over je heen krijgt. Je steekt veel tijd en energie in je werk, maar ze lijken niet te zien wat het je kost. Soms lijkt het alsof ze geen idee hebben dat er een mens achter een raadslid zit.”
Er komt veel op je af
Toch is het belangrijk dat jonge vrouwen actief zijn in de politiek. “Zij maken dingen op een andere manier mee dan mannen. Denk aan thema’s als femicide of veiligheid op straat. Mijn perspectief hebben ze niet meegemaakt.” Even blijft ze stil, voordat ze vervolgt: “Voor de samenleving gun ik het dat er meer jonge vrouwen de politiek ingaan, maar ik zou het vrouwen niet zo maar aanraden. Er komt echt veel op je af. Daarom ben ik blij met initiatieven als ‘Stem op een Vrouw’, een organisatie die mentorschap aanbiedt aan vrouwen in de politiek. Achteraf had ik ook graag zo’n mentor willen hebben toen ik begon. Daarom ben ik nu zelf ook mentor geworden die anderen begeleid aan het begin van hun carrière.”
Hoewel het soms lastig is als raadslid, merkt Bonnet dat er in het Westerkwartier veel respect is voor elkaar. “Als jongeren zoeken we elkaar vaak op, en geven we elkaar ook complimenten. Soms heb je dat even nodig, dat iemand tegen je zegt dat je het goed doet. In het Westerkwartier zijn we hard op inhoud, maar zacht op de persoon. We kijken echt om naar elkaar. Er zijn genoeg gemeenteraden waar dat anders is.”
Diversiteit in de politiek
Bonnet zal aankomende verkiezingen weer op de kieslijst staan: “Anders zitten er helemaal geen jonge vrouwen in de raad”, zegt ze. “Vooral in de leeftijd tussen de vijfentwintig tot vijfendertig zijn er maar weinig vrouwen die zich verkiesbaar stellen. Vaak zijn er dan kleine kinderen. Doordat de zorgtaken oneerlijk zijn verdeeld ten opzichte van de man, sneuvelen de politieke ambities van de vrouw eerder.”
Ze vervolgt: “Als je als nieuw, jong lid in de raad komt, zal je je altijd meer moeten bewijzen dan iemand van veertig plus. Dat is ongeacht je sekse. Daar zouden we als gemeenteraad meer bij stil moeten staan. We zouden die jongeren op onze blote knieën moeten bedanken dat zij hun tijd en jeugd willen geven aan de raad. Met mijn zesentwintig was ik nog niet eens super jong. Er zijn dan al veel mensen tussen de achttien en vijfentwintig die niet worden vertegenwoordigd.”



