Dinsdag 3 maart was een grote dag voor het echtpaar Leistra uit Niekerk. Zij vierden dat ze 60 jaar zijn getrouwd. Locoburgemeester Bert Nederveen van gemeente Westerkwartier kwam maandag 2 maart het diamanten paar feliciteren en hij had feestelijk bos bloemen voor hen meegenomen.
Echte Friezen
Lammert Leistra en Bep Pranger zijn echte Friezen, en beiden geboren in Wouterswoude, vlakbij Dokkum. Ze hebben elkaar destijds leren kennen via de jeugdvereniging van de kerk. Als vereniging gingen ze eens een dagje uit. “En toen is het begonnen”, weet Bep nog heel goed. Het echtpaar heeft twee zonen en er zijn vijf kleinkinderen.
“Wij moesten trouwen…”
Het echtpaar woont nu in Niekerk. Maar ze zijn samen begonnen in Delfzijl. Daar werd destijds de aluminiumfabriek Aldel gebouwd. Dat bedrijf was daarbij op zoek naar mensen. Lammert solliciteerde en kon worden aangenomen. Maar ze vroegen hem: “Heb je een vriendin, een verloofde, of ben je getrouwd?” Ze waren verloofd maar hadden nog geen concrete trouwplannen. Toen zei het bedrijf: “Er zijn enkele huizen beschikbaar voor werknemers, maar dan moet je wel getrouwd zijn. Als je pas over een jaar gaat trouwen, dan zijn er tegen die tijd geen huizen meer.” Daarop besloten Lammert en Bep met spoed te trouwen, zodat ze een huis konden krijgen in Delfzijl. “Wij ‘moesten’ dus trouwen! Niet omdat er kindje kwam, maar om een huis te kunnen krijgen!” vertelt Bep in geuren en kleuren.
Het bruidspaar aangehouden
Toen ze trouwden hielden Lammert en Bep hun feest in Veenwouden. Na het feest moeten ze echter nog naar hun nieuwe huis in Delfzijl. Onderweg werden ze plotseling aangehouden door de politie. Toen de autodeur werd geopend zagen de agenten Lammert in zijn trouwkostuum en Bep in haar trouwjurk. Verbaasd riepen ze: “Bent u net getrouwd?! Wel, maak gauw dat u wegkomt, en een prettige huwelijksnacht!”
(Verhaal gaat verder onder de foto)

Ongezond werk
Het werken in de aluminiumfabriek in Delfzijl bleek echter nogal ongezond te zijn. Veel werknemers kregen longklachten. Na zo’n zeven jaar zei Lammert daarom heel kordaat: “Wegwezen!” Hij moest dus ander werk zien te vinden en hij kon terecht bij het kunststoffenbedrijf Lamaf aan de Peizerweg in Groningen. Hij werd daar aangesteld ploegbaas.
Een woning zoeken met de burgemeester
Vervolgens zochten Lammert en Bep een huis in de omgeving van Groningen. Dat viel nogal tegen en ineens kwam Niekerk in het vizier. Er bleek een huis beschikbaar, maar daar zat destijds een cafetaria tegenaan. Een lastig punt, vanwege de mogelijke overlast. Was dat wel slim om te kopen? Ze trokken de stoute schoenen aan en gingen naar het gemeentehuis van Niekerk-Oldekerk, en vroegen naar de burgemeester. Die bleek erg welwillend en hij vertelde hen dat ze het huis prima konden kopen. Maar hij gaf ook aan dat er andere woningen beschikbaar waren in de omgeving. Daarop stapten ze bij de burgemeester in de auto en maakten met hem een rondje langs diverse potentiële woningen. Uiteindelijk kozen Lammert en Bep toch voor het huis naast de cafetaria. Maar na zeven jaren vertrokken ze alsnog, en wel naar het huis waar ze nu wonen in de Burgemeester Ritzemastraat.
Werk aan en in de winkel
Qua gezondheid ging het niet zo goed met Lammert. Het resulteerde in vroegtijdige afkeuring in 1976. Omdat ze een koopwoning hadden en het inkomen minder werd vanwege de afkeuring, zag Bep zich genoodzaakt om te gaan werken. Voor haar huwelijk had ze al eens gewerkt voor een sportzaak in Dokkum. En zo kon ze terecht bij kledingwinkel Bellinga in Niekerk. Daar heeft ze vervolgens 28 jaar gewerkt. Ze stopte ermee toen ze 60 was en de VUT-regeling nog functioneerde.
Andere bezigheden
Vaak was Lammert te vinden in zijn schuurtje. Hij kan namelijk van alles maken, zoals onder meer met houtdraaien. In de huiskamer alleen al zijn drie lampen met een houten basis. Mensen in de omgeving zeggen dan ook: “Hij heeft gouden handen!” In het verleden gebruikte hij die gouden handen ook om af en toe wat klusjes te doen in een autogarage. Bep was vroeger onder meer aangesloten bij de plaatselijke toneelvereniging Magnolia. Verder deed veel vrijwilligerswerk voor de kerk (PKN). Ze heeft daar ook drie maal in de kerkenraad gezeten.
Plakboeken vol historie
Een grote bezigheid van Bep in het verleden was het samenstellen van plakboeken. Interessante krantenberichten knipte steevast uit en plakte ze vervolgens in. Op die manier heeft ze in de loop van de jaren veel verhalen verzameld over het verleden van Niekerk en Oldekerk. Zoveel, dat toen de voetbalclub informatie nodig had over de historie, ze aanklopten bij Bep voor de verhalen uit haar archief.





