Het echtpaar Ophof-Lammers uit Norg vierde woensdag 22 juli dat ze 60 jaar zijn getrouwd.
Diamant
Namens de gemeente Noordenveld kwam wethouder Jos Darwinkel woensdag een bezoek brengen aan het diamanten paar. Hij feliciteerde hen en had een feestelijk bos bloemen voor hen meegebracht.
Java
Xeno Ophof en Otty Lammers zijn allebei geboren op Java, Indonesië (voormalig Nederlands Indië). Ze overleefden het drama van de jappenkampen en kwamen naar Nederland, waar ze elkaar hebben ontmoet in Wageningen. In Wageningen zijn ze vervolgens ook getrouwd. Het echtpaar heeft twee zonen gekregen en heeft ook twee kleinkinderen. Toen ze trouwden zijn Xeno en Otty eerst gaan wonen in Amsterdam. Na enige tijd trokken ze naar Boskoop en daarna bracht het werk hen naar Norg, waar ze sinds 1973 wonen.
Naar het noorden
De verhuizing naar Norg was omdat Xeno ging werken bij de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Als bibliothecaris was hij verantwoordelijk voor de collectie Romaanse talen. Otty had een hele andere wens. “Mijn moeder wilde graag balletdanseres worden bij het Nationaal Ballet, waar ook Alexandra Radius balletdanseres was”, vertelt zoon Marco. “Maar ze viel af omdat ze te klein was: ze voldeed net niet aan de eis om minimaal 1,60 meter zijn. Dat was heel teleurstellend voor haar.” Toen ze in Norg woonden heeft Otty veel vrijwilligerswerk gedaan.
Andere bezigheden
Otty is creatief en ze had meerdere hobby’s. Zo deed ze aan kunstschilderen en beeldhouwen. Daarnaast had ze een liefde voor tuinieren en speelde ze graag piano. Muziek hoort ook bij Xeno. Marco: “Mijn vader is een liefhebber van jazzmuziek. En dan in het bijzonder de bebop.”
Slimme fotolijst
“Mijn ouders zijn ook heel erg betrokken bij hun kleinkinderen en ze zijn daar ook heel erg trots op”, vervolgt Marco, die zelf woont in Wageningen Hoog, wat toch ongeveer twee uur rijden is vanaf Norg. “Op de piano is een slimme fotolijst geplaatst, die via internet op afstand kan worden voorzien van foto’s. Zo kunnen mijn ouders toch steeds de nieuwste ontwikkelingen zien van de kleinkinderen. Mijn broer woont dichterbij hen; hij kan makkelijker even langs komen.”




