In het landschap van het Westerkwartier klinkt af en toe een schot. Niet voor de sensatie, maar als onderdeel van natuurbeheer en uit passie voor het vak van jager Bert Jonkman. In de video trekt Bert het veld in. Hij vertelt waarom hij net over de grens op kraaien schiet, gaat in op de samenwerking tussen de wolf en de raaf, bezoekt een dassenklooster en laat sporen zien in de drassige grond.
Kieviten en kraaien
Tijdens het broedseizoen zijn kieviten extra kwetsbaar. Hun nesten liggen vaak in open, vochtige graslanden en op akkers, precies de plekken waar kraaien gemakkelijk eieren en kuikens kunnen roven. “Als straks de kieviten komen, zorgen we ervoor dat de kraaienpopulatie wat minder wordt” legt Jonkman uit in de video. Het schieten van kraaien gebeurt dan ook niet zomaar. Het is een legale maatregel en wordt alleen uitgevoerd met speciale vergunningen. Jagers werken daarbij gericht en tijdelijk: op specifieke locaties waar weidevogels broeden en alleen in de periode dat bescherming echt nodig is. Met behulp van lokkers, zoals te zien in de video, en andere hulpmiddelen wordt de invloed van kraaien beperkt. Hierdoor hebben kieviten meer kans om hun jongen groot te brengen.
Diersporen
Het is meer dan alleen ‘faunabeheer’ met een geweer. Tussendoor vertelt Jonkman enthousiast over andere bewoners van het landschap. Zo bezoekt hij een klooster van een das en legt hij uit waaraan je kunt zien dat deze recent nog is gebruikt. Ook worden sporen van reeën bekeken, die verraden hoe intensief het gebied door wild wordt gebruikt.



