Met het aanbreken van de lente, is de zon ook weer gaan schijnen in het leven van Jarno Jans uit Roden. Na meerdere jaren met pijn en ellende aan zijn elleboog, bloeit de Rôner toptennisser weer helemaal op in het dubbelspel. Toernooi na toernooi schrijft de 25-jarige Jans de laatste tijd op zijn naam en ook de mondiale top-200 komt met rasse schreden in zicht: “Het plezier in tennis is weer helemaal terug. Ik geniet met volle teugen en hoop uiteindelijk grand slams te mogen spelen.”
Grand slams
De ambitie om grand slams te spelen, heeft Jarno Jans al heel lang. En heel lang zag het er ook naar uit, dat die droom kon uitkomen. “Voor de blessure ging het hartstikke goed”, vertelt Jans. “In het enkelspel was ik de mondiale top-800 binnengedrongen en was ik in 2022 voor het eerst doorgedrongen tot de finale van een future (een tennistoernooi op het laagste profniveau, als eerste opstap naar het hoogste niveau, red.). Totdat ik aan het eind van dat jaar geblesseerd raakte.”
Blessure aan de elleboog
Jarno Jans krijgt vanaf dat moment te kampen met een opgerekte binnenband in zijn elleboog. Een jaar lang probeert hij van alles om het kwetsuur te herstellen, echter tevergeefs. Hij laat zich daarom opereren, moet een half jaar revalideren en moet daarna ook een half jaar weer in het spel proberen te komen. “Je moet alles van de grond af aan weer opbouwen, zowel in het enkel- als het dubbelspel. Maar dan moest je vaak algauw 5, 6 potjes in de week spelen en dat was teveel. De pijn bleef. Ik heb toen zeker wel overwogen om te stoppen.”
Dubbelspel
Maar omdat met name het dubbelspel wel lekker gaat, zet Jans door. Zo weet hij afgelopen november te winnen van een duo uit de mondiale top-50. En besluit hij op dat moment om voortaan alle pijlen te richten op de dubbels. En met succes, want met zijn tennispartner Niels Visker uit Groningen mept hij de laatste tijd praktisch alle tegenstanders van de baan. Zo winnen ze twee weken geleden hun eerste Challenger-dubbeltoernooi in het Italiaanse Cesenatico en winnen ze afgelopen week het met 15.000 dollar gedoteerde ITF-toernooi in Den Haag. En ligt met een 228e plek op de werelddubbelranglijst, de mondiale top-200 binnen handbereik.
Plezier terug
Toch stelt de Rôner zich nuchter en bescheiden op bij de vraag, of hij wellicht nu op zijn 25e alsnog wél zal doorbreken. “Ik ben al lang blij, dat ik het plezier weer terug heb in het tennis. En kom nu op plekken waar ik nooit geweest ben en speel tegenwoordig toernooien, waar ik vroeger al van droomde. En geniet met volle teugen, dat ik van mijn hobby mijn werk heb kunnen maken. Ik heb in mijn jeugd altijd de hoop uitgesproken grand slams te mogen spelen en dat blijft ook zo. Ik heb het idee, dat er nog veel te winnen is. En probeer eruit te halen, wat erin zit.”





